Ursula Dütschler en Frank Wakelkamp

Frank Wakelkamp & Ursula Dütschler

Frank Wakelkamp, cello & Ursula Dütschler, pianoforte

Na twee afgelastingen voeren Frank Wakelkamp en Ursula Dütschler dan eindelijk Beethovens Sonates voor cello en piano nrs. 3, 4 en 5 van Beethoven uit.

Bij de eerste twee sonates, 13 december vorig jaar, werd gebruik gemaakt van een kopie van een laat achttiende-eeuwse fortepiano, nu een instrument uit het begin van de negentiende eeuw, aldus een pianoforte van groter formaat: 2.50m.

Musicoloog en componist Leo Samama gaf 13 december mondeling een inleiding. De muziek voor cello en piano bestrijken immers nagenoeg Beethovens leven.

Over de drie late Cellosonates van Ludwig van Beethoven (1770-1827):

Cellosonate nr. 4 in C, opus 102 nr. 1 (1815)

Andante
Allegro vivace
Adagio – Tempo d’Andante – Allegro
vivace

Cellosonate nr. 5 in D, opus 102 nr. 2 (1815)

Allegro con brio
Adagio con molto sentimento
d’affetto
Allegro

pauze

Cellosonate nr. 3 in A, opus 69 (1808)

Allegro ma non tanto
Scherzo (allegro molto)
Adagio cantabile – Allegro vivace

De cellosonates van Beethoven vertegenwoordigen de drie periodes waarin zijn composities worden verdeeld. De eerste twee sonates, Deux Grandes Sonates pour le Clavecin ou Piano-Forte avec un Violoncelle obligé (opus 5 uit 1796) zijn geschreven in een periode waarin Beethoven zich profileerde als virtuoos pianist. Hij voerde deze stukken uit met de beroemde Franse cellist Jean-Pierre Duport, aan het Berlijnse hof van koning Frederik II van Pruisen. De koning was zelf een amateurcellist, en Haydn, Mozart en Boccherini schreven composities voor hem.

Deze twee sonates opus 5 zijn sonates voor piano en cello – niet andersom. Hoewel de cello af en toe in hogere sferen verkeert (net als soms in de variaties voor cello en piano die hij tussen 1796 en 1801 schreef) is de ware virtuositeit voorbehouden aan de pianist.

De derde sonate, Grande Sonate pour Pianoforte et Violoncelle (voor het eerst uitgegeven door Breitkopf & Härtel in 1809) in A groot, op. 69, heeft een heel andere klankwereld. Beethoven werkte tussen 1806 en 1808 aan deze sonate. De toenemende doofheid, waarvan zich in 1801 de eerste symptomen voordeden, was vergevorderd. In zijn tragische brief, bekend als het Heiligenstadttestament (oktober 1802), bekende Beethoven suïcidale gedachten te hebben gehad. “… es fehlte wenig, und ich endigte selbst mein Leben – nur sie die Kunst, sie hielt mich zurück, ach es dünkte mir unmöglich, die Welt eher zu verlassen, bis ich das alles hervorgebracht, wozu ich mich aufgelegt fühlte…” Toch is deze sonate, samen met verschillende andere werken uit deze periode, een van de meest positieve composities. Al vanaf de openingsfrase straalt het sereniteit en humor uit. Het is een klassieke sonatevorm, met zorgvuldig afgewogen proporties, waarbij de piano en cello de thema’s perfect symmetrisch beantwoorden. Dit is de eerste sonate waarin de cello een gelijkwaardige rol heeft en niet zoals eerder een cellosolo met klavierbegeleiding of een klaviersonate met cellobegeleiding zoals Beethoven’s cellosonates opus 5.

De “late” periode van Beethoven’s creatieve leven begon rond 1815. De Deux Sonates pour le Pianoforte et Violoncell twee sonates opus 102 uit dit jaar ademen een heel andere sfeer dan de voorgaande. Om te beginnen zijn ze maar half zo lang als hun voorgangers. De expressie wordt samengebald en zo krijgt elke noot meer waarde.De vierde sonate opent met een frase van twee maten, van waaruit het hele werk ontwikkelt, en die in het derde deel ook letterlijk weer naar voren komt. De vijfde sonate in D groot heeft een zeer dramatisch eerste deel, waarna een sereen langzaam deel komt. Dan volgt een speelse en soms heftige fuga, Beethoven’s vaarwel aan de cellosonate.

Ludwig van Beethoven

Frank Wakelkamp, cello

studeerde “moderne” cello aan het Utrechts Conservatorium, waar hij les had van Dmitri Ferschtman en Maarten Mostert. Masterclasses volgde hij bij Frans Brüggen, Heinrich Schiff en Christophe Coin. Bij Viola de Hoog studeerde hij af als Uitvoerend Musicus barokcello.

In 2000 nam hij een solo-cd op met cellosonates van de Amsterdamse barokcomponist Jacob Klein, die is uitgebracht bij Muziekgroep Nederland (CV 125). Hiervoor verrichte hij ook musicologisch onderzoek naar de voorheen onbekende Klein. In 2011 bracht hij met het ensemble Frank & Friends zijn tweede solo-cd uit met alle 9 cellosonates van Vivaldi. In 2014 volgde een derde cd met een in 2009 ontdekt nieuw opusnummer met cellosonates van Klein, eveneens met Frank & Friends.

In juni 2002 debuteerde hij, na een half jaar zelfstudie, op de viola da gamba en in 2003 soleerde hij voor het eerst in de Mattheüspassie van Bach. Sindsdien is hij een veelgevraagd gambasolist.

Kamermuziek speelt Frank Wakelkamp met The Great Charm, cello- en gambakwartet Gut Feelings en diverse ad hoc formaties, maar hij treedt ook op als solist. Met Trio Eroica won hij in 1996 het concours Musica Antiqua in Brugge met bijzondere lof van de Jury en de Radioprijs van BRTN 3.

In 2005 startte hij met de eerste Urtext- en facsimileuitgave van de cellosonates van Boccherini en Klein op editionwakelkamp.com. Daarnaast geeft hij cello- en gambales in Bergen op Zoom.

Frank Wakelkamp

Ursula Dütschler, fortepiano

is afkomstig uit Zwitserland. Zij studeerde klavecimbel bij Jörg Ewald Dähler in Bern en bij Kenneth Gilbert in Salzburg. Later volgde een studie op de fortepiano bij Malcolm Bilson aan de Cornell University in de Verenigde Staten. Zij won prijzen op internationale concoursen zoals die in Parijs (1989, voor klavecimbel) en in Boston (1991, voor pianoforte).

Zowel op klavecimbel als ook op fortepiano treedt Ursula Dütschler regelmatig op als soliste en in diverse kamermuziek combinaties.

Bij het label Claves nam ze naast vele kamermuzikale uitvoeringen vier solo CD’s op met klavecimbel met werken van Scarlatti, Byrd, Balbastre en Bach. Tevens maakt zij deel uit van het collectief met Malcolm Bilson dat de complete Beethoven sonates opnam op pianoforte. Verder zijn bij Brilliant Classics 2 CD’s verschenen met sonates van Haydn en de complete werken voor piano vierhandig en twee piano’s van Mozart met Bart van Oort.

Ursula Dütschler
Jay-Tee Teterissa en Rayn Bechoe

Jay-Tee Teterissa en Rayn Bechoe

Bassist Jay-Tee Teterissa voltooide het Hilversums conservatorium en speelde in diverse bands waaronder Candy Dulfers’ Funky Stuff. Onder eigen naam verschenen twee soloalbums. Naast hem singer-songwriter Rayn Bechoe. Rayn viel al gauw op, even goed buiten de landsgrenzen, als gevolg een Japanse platendeal en tour. Samen vormen zij als steeds gepassioneerd ‘The New Coalition of Funk’. Hierin staat ritme centraal bij de strakke baslijnen van Jay-Tee en het vrijmoedige toetsenspel van Rayn. Het tweetal zorgt zodoende voor een wervelende dansavond met funk- en soulmuziek. Inderdaad, de heupen vrij nu, voeten van de vloer!

Bariton Henk Neven en Hans Eijsacker, piano

Henk Neven en Hans Eijsackers

Bariton Henk Neven en Hans Eijsackers, piano

Programma: liederen van Schubert – over vissers en water – en van Brahms als ook Nachdichtungen der Lieder und Gesänge des Hafis opus 30 (1940?) van Viktor Ullmann (1998 – 1944).

In de allereerste Zondagmatinee in De Paulus, 21 december 2014, vertolkte Henk Neven met pianiste Mariana Izman Schuberts liederencyclus Winterreise.

Henk Neven is een van de meest bevlogen liedvertolkers van zijn generatie. Hij ontving een Borletti-Buitoni Fellowship in 2009 en nam deel aan de prestigieuze Radio 3 New Generation Artists Scheme. In 2011 ontving hij de Nederlandse Muziekprijs. Neven is een regelmatige gast in Wigmore Hall, het Concertgebouw en in de NTR ZaterdagMatinee serie in Amsterdam. Hij trad op in het Festival Oude Muziek in Utrecht, Operadagen Rotterdam en het Gergiev Festival. Tot zijn recente hoogtepunten behoren concerten in het City of London Festival en het Cheltenham Festival, optredens voor de BBC Proms en recitals in De Munt in Brussel, de Beurs van Berlage in Amsterdam en het Musée d’Orsay in Parijs.

Hans Eijsackers is sinds 2013 sinds 2013 Professor Liedgestaltung aan de Robert Schumann Hochschule te Düsseldorf, daarnaast treedt hij veelvuldig op als solist, kamermusicus en liedbegeleider. Hij werkte onder meer samen met de dirigenten Otto Tausk, Neeme Jervi, Gordan Nicolic en Yannick Nézet-Seguin. Eijsackers vormt een duo met klarinettist Lars Wouters van den Oudenweijer en met bariton Henk Neven.

Neven en Eijsackers voeren vanaf 2022 de artistieke leiding van het Internationaal Lied Festival Zeist. Hun programma, getiteld Van fin de siècle naar nieuwe stromingen, staat nu gepland voor 22 tot en met 31 oktober 2021.

Esther van Hees, Jeroen van Vliet en Miguel Boelens

Esther van Hees, Jeroen van Vliet en Miguel Boelens

De Vlaamse zangeres Esther van Hees studeerde aan de conservatoria van Tilburg en Amsterdam. Deze voorstelling is ingegeven door haar album ‘Gelukkig zijn’. Was haar debuutalbum nog in het Engels, haar meest recente productie nu staat in het teken van Vlaamse en Nederlandse kleinkunstliedjes. Het zijn vooral die welke zij als kind ontdekte in de platenkast van haar ouders: Raymond van het Groenewoud en Ramses Shaffy. De show is jazzy met de energie van Jacques Brel. Deze avond vormt zij een trio met pianist Van Vliet en saxofonist Boelens. Beiden speelden aan de zijde van een keur aan artiesten van formaat en produceerden meerdere cd’s.

Nelleke Noordervliet

Camerata Trajectina en Nelleke Noordervliet

In de muziekvoorstelling ‘Elk zijn waarom!’ brengen Nelleke Noordervliet en Camerata Trajectina de warmbloedige emoties onder de muziek, de ruzies, de vriendschappen, de feesten in de 17e eeuw.

Schrijfster Nelleke Noordervliet neemt je mee naar de 17e eeuw. In de persoon van Tesselschade Roemers Visscher vertelt zij over deze woelige tijd vol contrasten. De jonge, zelfstandige republiek der Nederlanden voert oorlog maar heeft ook behoefte aan vrede. Het streven naar voorspoed gaat ten koste van andere volkeren. Terwijl aan de Amsterdamse grachten statige huizen van regentenverrijzen, krioelt het arme volk in de zijstraten en pothuizen. In alle lagen van de bevolking veroorzaken hoogoplopende meningsverschillen over politiek en religie diepe scheuren in families en vriendschappen. Ieder heeft zijn waarom. Het persoonlijke is politiek, politiek is persoonlijk.

Tesselschade Roemers Visscher is het stralende middelpunt van de Muiderkring waar de lied- en dichtkunst bloeit als nooit tevoren. Een vrouw met een stem als een nachtegaal in een mannenbolwerk van dichters en schrijvers met Hooft aan het hoofd. Twee fenomenale dichters zijn de uitgesproken vertegenwoordigers van de verschillende stromingen. De erudiete virtuoos en protestant Constantijn Huygens als stem van de verfijnde elite. De katholieke Joost van den Vondel als de felle en compromisloze man uit het volk. De mannen ontmoeten elkaar zo nu en dan. Er is onenigheid en bewondering. Verdraagzaamheid en partijdigheid. Maar ze vinden elkaar in de muziek en hun bewondering voor Tesselschade.

Margriet Sjoerdsma en Martin Fondse

Margriet Sjoerdsma en Martin Fondse

Margriet Sjoerdsma, bekend van haar ‘Tribute to Eva Cassidy’, en Boy Edgar-prijswinnaar Martin Fondse bundelen hun verbeeldingskracht. Deze voorstelling gaat over het einde, de dood, die tegelijk een nieuw begin inluidt en omgekeerd. Sierlijke melodieën, rijke harmoniek en een prachtige stem vloeien samen in folk en klassiek en in pop en jazzy songs. De akoestische en elektronische natuur van piano en gitaar worden rijkelijk benut: orkestraal dan weer verstild bij de intieme teksten van Vrouwkje Tuinman en de gelaagde animaties van Udo Prinsen. Deze pakkende voorstelling beweegt immers langs de grens van diepe ernst en bevrijdende humor.

Keiko Shichijo

Keiko Shichijo

Keiko Shichijo, piano

Keiko Shichijo is een veelzijdige en gelouterde musicienne, speelt piano en fortepiano. Haar repertoire is ongemeen veelzijdig en groot, bestrijkt eeuwen en omvat even goed hedendaagse toonkunst. Zij komt uit Japan, woont nu ruim tien jaar in Nederland en is sinds drie jaar docente aan de Fontys Hogeschool voor Muziek en Uitvoerende kunsten in Tilburg.

Keiko Shichijo studeerde aan het Conservatorium van Amsterdam fortepiano bij Stanley Hoogland, orgel bij Pieter van Dijk, aan het Koninklijk Conservatorium van Gent bij Daan van de Walle specialiseerde zij zich in hedendaagse muziek. Haar programma omvat werken van onder anderen Satie, Mansoerian en Komitas.

Het Cardiff Trio

Het Cardiff Trio

David Fernández Alonso is eerste hoornist van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, Quirine Scheffers plaatsvervangend eerste concertmeester van dit orkest, pianiste Laurette Bloomer komt uit Cardiff. Tezamen vormen zij het Cardiff Trio.

Alonso komt uit de Spaanse havenstad Vigo en stamt van een familie van vissers. Hij studeerde in Valencia en aan de Muziekuniversiteit Karlsruhe en is sinds februari 2016 lid van het Rotterdams Philharmonisch Orkest.

Quirine Scheffers en Laurette Bloomer vertolkten in de Zondagmatinee van 10 april 2016 onder meer de Vioolsonate van de destijds op Oegstgeester grondgebied geboren Leander Schlegel (1844–1913). Scheffers is ook de primarius van het Daniel Quartet dat in de Zondagmatinee in De Paulus van 22 september 2019 de wereldpremière van Leander Schlegels Tweede strijkkwartet (1913) speelde.

Programma: Frédéric Duvernoy (1765-1838) – Trio voor hoorn, viool en piano nr. 3 in Es, Clara Schumann-Wieck (1819-1896) – Drei Romanzen op. 22 voor viool en piano, Robert Schumann (1810-1856) – Adagio en allegro op. 70 voor hoorn en piano, Johannes Brahms (1833-1897) – c Trio voor hoorn, viool en piano op. 40.

Ksenia Kouzmenko

Ksenia Kouzmenko

Ksenia Kouzmenko, piano

Ksenia Kouzmenko komt uit Minsk, de hoofdstad van Wit-Rusland, en is de dochter van een pianistenechtpaar. Het eerste gedeelte van haar opleiding, in haar geboorteland, voltooide ze met onderscheiding. Vervolgens studeerde zij aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Naum Grubert. Zij is aan dit instituut zelf pianodocent, sinds 1999. Masterclasses volgde Ksenia Kouzmenko bij onder anderen Charles Rosen, Walter Blankenheim, Jan Wijn en György Kurtág. Zij nam ook deel aan cursussen van het Tanglewood Music Festival in de Verenigde Staten. Ksenia Kouzmenko was winnaar tijdens een aantal concoursen, waaronder het Tromp Concours 1996 in Eindhoven. Zij beschikt over een vleugel haar ter beschikking gesteld door het Nationaal Muziekinstrumentenfonds.

Ksenia Kouzmenko treedt op in Duitsland (Beethovenfestival in Bonn), Engeland, Zwitserland, België (Festival van Vlaanderen), Italië, Slovenië (Tartinifestival), Spanje (festival Semana de Musica Caja Astur), Rusland (Hermitage, St. Petersburg), en overal in Nederland. Ze speelt kamermuziek met onder andere klarinettist André Kerver en de Tsjechische celliste Lucie Stepánová. Sinds 2008 vormt ze een vast duo met de violiste Lisa Jacobs. In 2013 kwam bij Challenge Records hun CD uit met werk van Franck en Ysaye. Intussen verschenen van haar meerdere internationaal geprezen cd’s zoals die met zelden gehoorde of niet eerder vastgelegde pianomuziek uit Tsjechië. De opnamen met historische piano’s worden evenzeer gevierd.

De celloklas van Lucia Swarts 2021

De celloklas van Lucia Swarts

Lucia Swarts woont in Leiden en is hoofdvakdocent cello en barokcello aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Zij is ook eerste celliste in het orkest van de Nederlandse Bachvereniging en speelt sinds 1983 in het Asko/Schoenberg Ensemble en in het Residentie Bach Ensemble.

Een podium bieden aan jonge musici een van de rode lijnen in het seizoen 2021/22 van Muziekkamer Oegstgeest. Daarom nu de celloklas van Lucia Swarts: een tiental musici, waaronder zes cellisten in de aanloop naar hun examens. Het programma omvat de suite voor twee celli van David Popper, een Suite voor cellosolo van Johann Sebastian Bach en een van Max Reger als ook zo’n heerlijke Serenade voor vier celli van Georg Goltermann.